De Posthoorn


Geschiedenis van de Posthoorn.



Logement/café de Posthoorn, aan de Brêgebuorren te Dronryp , werd vroeger ook wel "De Groote Posthoorn" genoemd. Oorspronkelijk stond het café dichter aan het water, maar door verbreding van de vaart en de weg in 1838 moest het café worden verplaatst. De Posthoorn werd afgebroken en naar achteren weer opgebouwd. De weg de Alddyk liep vroeger pal achter de Posthoorn langs. Deze verdween na de verplaatsing. Een boog in het stucwerk aan het Skilpaed geeft de plek van de Alddyk nog aan.



De Posthoorn had een sterke band met de Rooms Katholieke kerk. De boeren parkeerden hun brikken bij het café en de boerinnen kregen een warme stoof mee voor in de kerk. Na afloop namen ze in de Posthoorn een kopje koffie of een slokje. Ondertussen werden voor de terugreis de paarden weer ingespannen door de paardenjongen.



De Posthoorn had het druk in de tijd van de trekschepen, stoomschepen en motorschepen, die voeren op Leeuwarden, Franeker en Harlingen. Na de aanleg van het van Harinxmakanaal rond Dronryp (1937) en het dempen van de Harlinger Trekvaart (ca. 1940) werd het aanzienlijk rustiger aan de Brêgebuorren en dus ook voor de kastelein van de Posthoorn. Wel was het verenigingsleven nog volop actief en met bruiloften, muziek en toneel was er nog volop drukte.



De Posthoorn is meerdere malen verkocht en heeft daardoor nogal wat uitbaters gehad. De bekendste kastelein is ongetwijfeld Sjoerd Rinsma. Hij had naast het café ook nog een schildersbedrijf en was tevens een verdienstelijke kunstschilder.



Café de Posthoorn is nog steeds een middelpunt in het dorp. Met haar authentieke inrichting en met de prachtige toneelzaal boven verdient dit café terecht een plaats in de historie van Dronryp.

©
Tekst:
Foto voorblad: Wurkgroep Histoarysk Dronryp

Opmerkingenvenster

De Posthoorn