Eerste school van Folsgare

Al eeuwen is de school het middelpunt in het dorp. In het kerkarchief kunnen we lezen dat in 1685 een gedeelte van de pastorie is verbouwd tot klaslokaal en dat Douwe Douwes een parttime baan als onderwijzer had.

In 1806 wordt de schoolwet ingevoerd. In deze wet is geregeld dat uitsluitend het openbaar onderwijs wordt gesubsidieerd. In Folsgare bestaat de wens om een school te stichten, maar pas in1834 komen de kerkvoogden bijeen om te praten over de vraag waar deze openbare school moet komen te staan. Na een langdurige bijeenkomst besluiten ze dat de beste plek voor een school ten noordoosten van de kerk is. De ingang van de school zou dan aan de Skeender komen te liggen. Er komt tegenstand, vooral omdat de school dan buiten het dorp komt te staan en dat de boer van de pastorie boerderij een stuk weiland kwijt raakt.

Een paar jaar later komen de kerkvoogden weer bijeen, nu met het plan om de gracht ten zuiden van de kerk te dempen en hier de school te bouwen. De school staat dichter bij het dorp en het kost de boer geen weiland. Dit plan wordt aangenomen. De terpgrond van het “Tsjerke pôltsje” is te waardevol om er een gracht mee te dempen, men laat grond van elders aanvoeren. Voor de financiering gaat men met een intekenlijst langs de deuren en daarnaast leent de kerk fl 1000, - van Jelle Douwes Bouma die boer op Bons is.

Het ontwerp van de school wordt gemaakt door de beroemde stadsarchitect Pyter Jentjes Rollema uit Sneek. Van zijn hand zijn o.a. de rechtbank in Sneek, doopsgezinde kerk aan de Singel en panden aan het Kleinzand waar nu het scheepvaartmuseum in is gevestigd.

Na de aanbesteding komt Jacob Brugsma uit Achlum uit de inschrijvingen als laagste uit de bus met een bedrag van fl 1998, - Onder het toeziend oog van kastelein Roel Uiltjes Hoekstra worden in de herberg van het dorp (Tsjaerddyk 38) de papieren getekend door de kerkvoogden P.G.van der Goot, Fedde O. Breeuwsma en G.F.van der Meer.

In de L.C. wordt een oproep gedaan voor een onderwijzer van tweede of derde rang. Een onderwijzer derde rang moest kunnen lezen en schrijven, kennis hebben van de Nederlandse taal en de beginselen van rekenkunst beheersen inclusief het rekenen met breuken. Bij de tweede rang moest men ook kennis hebben van aardrijkskunde en geschiedenis. De onderwijzer zal een jaarwedde krijgen van fl 200, - uit de grietenij kas en fl 25, - uit de kerkvoogdijbeurs voor het luiden van de klok, het oppassen van het uurwerk etc. Tevens heeft hij vrij wonen en krijgt de schoolpenningen van 30 à 40 leerlingen. De sollicitanten moeten zich op 30 sept. 1843 ’s ochtends om 9.00 uur melden op het Grietenijhuis teneinde examen te doen voor de functie. Marten.H.Reitsma van IJsbrechtum komt hier als beste uit. Hij wordt de eerste onderwijzer, tweede rang, in de nieuwe school.

Op 6 december 1843 wordt de school feestelijk geopend. De onderwijzer woont in het westelijk deel en de leerlingen zitten in het oostelijk deel van het gebouw. Het stuk gedempte gracht naast de school wordt door de meester als tuin en bleek gebruikt. Meester Marten Reitsma zal hier met zijn vrouw Durkje Bakker 12 jaar blijven. Zijn opvolger Cornelius Livius Nauta van Lemmer komt op 17 sept 1855 als meester tweede rang en zal bijna 30 jaar zal blijven.

Eind 1885 wordt de “Vereniging van christelijk lager onderwijs” in Folsgare opgericht. De statuten worden op 7 maart 1886 bij koninklijk besluit goedgekeurd. De gemeente doet nu lastig over het eigendomsrecht van het bestaande schoolgebouw met woning. Er wordt besloten dat het gebouw eigendom blijft van de kerk, maar dat de inboedel van het klaslokaal van de gemeente is. De gemeente keurt vervolgens het bestaande klaslokaal af. De nieuwe vereniging staat dus direct voor de keuze van óf verbouwen óf nieuwbouw. Er wordt besloten een nieuwe school aan de overzijde van de oude school te bouwen. Het bestaande gebouw wordt nu geheel meesterswoning.

Het woonhuis wordt door de kerk als “schoolhuizinge“ aan de schoolvereniging verhuurd. Het blijft meesterswoning tot 1973. Daarna doet het tijdelijk dienst als kleuterschool.

In 1974 verkoopt de kerkvoogdij het gebouw voor fl 5000.. Onder leiding van Johan van der Wal, de toenmalige voorzitter van de Werkcommissie Dorpshuis Folsgare, wordt het pand met medewerking van vele vrijwilligers omgetoverd tot dorpshuis. Voor de naam van het dorpshuis werd een prijsvraag uitgeschreven. Deze werd gewonnen door mevr. Cnossen-Piersma. Zij bedacht de naam “Yn’e Lijte”, omdat men binnen ‘in de lijte’ kan zitten en het gebouw staat ‘in de lijte’ van de kerk. De opening wordt verricht door burgemeester Bendiks Walter Cazemier van Wymbritseradiel


Het dorpshuis voorziet in een behoefte, maar wordt door de nieuwbouw in het dorp op een gegeven moment te klein om alle inwoners te kunnen herbergen. Een nieuw dorpshuis verrijst in 1988 aan de Folsgeasterleane en het oude pand wordt verkocht. De huidige bewoners hebben het pand grondig opgeknapt en het de oude uitstraling weer teruggegeven.

Tekst: A.Bruin

Bewerking: Wytske Heida

Foto: Wytske Heida

 

Zie voor meer informatie:


Colofon

© Tekst: wytskeheida2547
© Foto voorblad: DB Folsgeare
© Slideshow foto 0:
© Slideshow foto 1:
© Slideshow foto 2:
© Slideshow foto 3:
© Slideshow foto 4:

Opmerkingenvenster

Eerste school van Folsgare